
5 principes
voor toekomstbestendig verenigen
De 5 principes van De Toekomstbestendige Club
De visie en aanpak van De Toekomstbestendige Club zijn gebaseerd op vijf principes. Persoonlijke overtuigingen die door de jaren heen hun waarde in de praktijk hebben bewezen. Deze principes vormen de basis voor de visie en aanpak van De Toekomstbestendige Club op toekomstbestendig verenigen in de sport.
1. Verenigen doe je samen
Een vereniging is geen bedrijf met klanten. Het is ook geen organisatie waar leden alleen een dienst of sportaanbod afnemen. Leden vormen samen de vereniging en dragen daar, ieder op hun eigen manier, aan bij. Een sterke vereniging vraagt daarom om betrokkenheid en eigenaarschap van haar leden. Van iedereen mag worden verwacht dat zij niet alleen gebruikmaken van wat de vereniging biedt, maar ook bijdragen aan het functioneren en de ontwikkeling van de club.
Praktijk: de vereniging maakt duidelijk wat zij van haar leden verwacht en organiseert het verenigingswerk zo dat iedereen naar vermogen kan bijdragen. Een actieve of verplichte ledenbijdrage kan worden vastgelegd in statuten, reglementen en lidmaatschapsvoorwaarden en vormt daarmee een belangrijk fundament onder het vrijwilligersbeleid. Uitgangspunt hierbij: iedereen doet mee, iedereen telt mee.
Motto: De vereniging zijn we samen. Doen we samen.
2. Regeren is vooruitzien
Een toekomstbestendige vereniging kijkt verder dan de waan van de dag. Zij heeft een duidelijk beeld van de vereniging die zij wil zijn en van de maatschappelijke en sportieve ontwikkelingen die op haar afkomen. De vereniging werkt daarom vanuit een gedeelde visie: wat voor vereniging willen we zijn, wat willen we bereiken en welke stappen zijn daarvoor nodig?
Praktijk: de vereniging werkt met een breed gedragen toekomstplan met een duidelijke visie, ambitie, doelen en acties. Leden en andere betrokkenen worden bij de ontwikkeling daarvan betrokken. Het plan is geen statisch document, maar wordt regelmatig geëvalueerd en aangepast aan nieuwe ontwikkelingen binnen en buiten de vereniging.
Motto: Van visie naar actie naar resultaat.
3. Vrijwillig is niet vrijblijvend
Vrijwilligerswerk is vrijwillig. Maar wie een rol of verantwoordelijkheid binnen de vereniging op zich neemt, maakt afspraken en komt die na. Om de vereniging goed te laten functioneren en gezamenlijke ambities waar te maken, moet het verenigingswerk goed worden georganiseerd. Iedereen moet weten wie wat doet, wie waarvoor verantwoordelijk is en wat wanneer moet gebeuren.
Praktijk: de vereniging werkt met een heldere (hybride) organisatiestructuur met duidelijke aanspreekpunten en een concrete rol- en taakverdeling tussen bestuur, commissies, coördinatoren, sportkader, overige vrijwilligers en eventuele betaalde professionals.
Vrijwilligers en professionals krijgen ruimte en vertrouwen, maar worden ook aangesproken op gemaakte afspraken, resultaten en verantwoordelijkheden. Met waardering als het goed gaat en met feedback en ondersteuning als het beter kan.
Motto: Vrijwillig betekent niet vrijblijvend.
4. Plezier en organisatie gaan hand in hand
Plezier en organisatie horen bij elkaar. Zonder plezier geen goede organisatie. Zonder goede organisatie geen plezier. Ze vormen het hart en het hoofd van de vereniging.
Plezier draait om sfeer, verbinding, beleving, saamhorigheid en trots: het clubgevoel. Organisatie draait om een goed sportaanbod, duidelijke structuur, goede communicatie, heldere verantwoordelijkheden en professionele uitvoering: de cluborganisatie. Beide zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Ze zorgen ervoor dat mensen zich aangetrokken voelen tot de club, zich aanmelden, met plezier sporten, zich inzetten als vrijwilliger en langdurig betrokken blijven.
Praktijk: de vereniging werkt actief aan zowel het versterken van het clubgevoel als de kwaliteit van de cluborganisatie. De ene kan niet zonder de andere: een warme club zonder goede organisatie loopt vast, terwijl een goed georganiseerde club zonder sfeer en verbinding haar aantrekkingskracht verliest.
Motto: Plezier en organisatie gaan hand in hand.
5. De toekomst maak je zelf
De toekomst van een vereniging overkomt je niet. Natuurlijk zijn er ontwikkelingen waarop een club geen directe invloed heeft. Maar een vereniging kan wel bepalen hoe zij daarop reageert en welke kansen zij zelf creëert.
Een toekomstbestendige vereniging wacht daarom niet af tot problemen zich aandienen. Ze kijkt vooruit, ziet kansen, neemt initiatief, maakt keuzes, enthousiasmeert mensen en komt in actie. Dat vraagt om een ondernemende houding. Niet alleen van het bestuur, maar van de hele vereniging.
Praktijk: de vereniging neemt zelf het initiatief om haar toekomst vorm te geven. De vereniging werkt voortdurend aan verbetering. Ze onderzoekt ontwikkelingen, speelt in op kansen, zoekt actief naar oplossingen en samenwerking en durft nieuwe dingen uit te proberen.
Ondernemerschap betekent daarbij niet alleen meer inkomsten genereren. Het betekent vooral kansen zien, initiatief nemen en waarde creëren voor de vereniging en haar omgeving. Een ondernemende club is daardoor niet afwachtend, maar actief en wendbaar.
Motto: De actieven hebben de toekomst.
Richtinggevende principes
Een toekomstbestendige vereniging ontstaat niet alleen door een goed plan, een sterke organisatie of voldoende vrijwilligers. Het begint bij de manier waarop je naar de vereniging, de omgeving en de toekomst kijkt.
- Verenigen doe je samen.
- Regeren is vooruitzien.
- Vrijwillig is niet vrijblijvend.
- Plezier en organisatie haan hand in hand.
- De toekomst maak je zelf.
Deze principes komen terug in de 7 bouwstenen, 11 succesfactoren en 20 samenwerkingskansen van De Toekomstbestendige Club.
De Toekomstbestendige Club is klaar voor de uitdagingen van de 21e eeuw.
De sportvereniging speelt snel en goed in op veranderende omstandigheden en uitdagingen, nu én in de toekomst.
De toekomstbestendige club is een sportvereniging van, voor én door leden. Met oog voor sportieve, sociale en maatschappelijke waarde.
